Posts tonen met het label Sokken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sokken. Alle posts tonen

maandag 7 november 2022

Hiel 'achteraf' breien (afterthought)

https://margerey.blogspot.nl/

Heel toevallig kwam ik op YouTube een filmpje tegen van Mr. Knitbear over het achteraf breien van de hiel en de tenen. Nooit van gehoord, er ging een wereld voor mij open:
 

Een duidelijke uitleg hoe deze sok met de 'hiel achteraf' te breien:
 


BREIPEN

dinsdag 18 mei 2021

Sokken breien op een rondbreinaald

https://margerey.blogspot.nl/


Ik blijf het moeilijk vinden, 2 sokken tegelijk opzetten op een rondbreinaald. Maar het 'Toe-Up-Systeem' vind ik heel aanlokkelijk.
Misschien kom ik er met dit filmpje van het Ruijge huis wel uit. De daadwerkelijke uitleg begint pas bij 10:50
 

Op de site van het Ruijge huis staan de vervolg filmpjes over het breien van de sok.

BREIPEN

vrijdag 14 mei 2021

Boemerrang Hiel

https://margerey.blogspot.nl/


Een boemerrang-hiel breien, continental:


Hoe vermijd je het gaatje aan de zijkant::


BREIPEN

Toe-up sokken opzetten en breien

https://margerey.blogspot.nl/

Bij Mr. Knitbear een zeer duidelijk filmpje over het opzetten en breien van een toe-up-sok:


Er wordt gebreid met de 3 kleine naaldjes van Addi: de CraSyTrio:

Hieronder een mooi filmpje, wel Duits gesproken, maar met een goede uitleg van een sok breien op deze drie naaldjes. Tevens is het leerzaam te zien hoe continental breien werkt.
In dit filmpje wordt een mini sokje gebreid:


BREIPEN

zondag 28 juni 2020

Sokken Breien

https://maryshaken.blogspot.com/

Via Vonne kwam ik terecht bij Mr. Knitbear, die een nieuwe kijk op sokkenbreien geeft: op CraSy Trio naalden sokken in de rondte breien continental:


Ook is dit een nieuw type breinaald voor sokkenbreien, de Addi Sockenwunder:


Ideaal voor continental breien:


BREIPEN

Mijn sokken met Hollandse Hiel op 4 naalden

https://margerey.blogspot.nl/

NODIG
100 g sokkenwol, 5 naalden zonder knop nummer 2,5-3 mm (of een rondbreinaald).
BEGIN
Zet de 60 steken op één naald en brei in boordsteek (1/1 of 2/2)
Verdeel na 2 rondes de steken over 4 naalden (15-15-15-15)
Naald 1 & 4 is de onderkant van de sok
Naald 2 & 3 is de bovenkant van de sok en kan in motief worden gebreid
De toerwisseling valt tussen de 4e en 1e naald (herkenbaar aan het opzetdraadje tussen deze twee naalden)
BEEN
Brei ongeveer 16 toeren boordsteek.
Brei daarna verder in motief tot de gewenste hoogte (ongeveer 20 cm).
HIEL
Voor de hiel zijn er diverse mogelijkheden, zoals de Hollandse hiel en de Jo-Jo hiel.
Deze omschrijving gaat over de Hollandse hiel.

GROTE HIEL:
De grote hiel bepaalt de hoogte van de hiel en wordt gebreid over de 4e en 1e naald (de naald vóór en ná de toerwisseling).
Vaak worden de eerste 3 steken van elke naald in ribbelpatroon gebreid. De ribbels vergemakkelijken het tellen. De steken van de naalden 2 en 3 doen even niet mee.

Brei over deze middelste 30 steken de 'versterkte hielwand'. Dat is een recht lapje van 28 toeren. Hierbij kunnen de 3 buitenste steken in ribbelpatroon gebreid worden:
  • 1e naald: *1 steek recht, 1 steek recht afhalen.* Herhaal van * tot *.
  • 2e naald: alle steken averecht.
  • 3e naald: *1 steek recht afhalen, 1 steek recht.* Herhaal van * tot *.
  • 4e naald: alle steken averecht.
Brei op deze wijze 28 naalden = 14 ribbeltjes van 3 rechte steken (of het aantal naalden dat is aangegeven in de matentabel).

KLEINE HIEL:
De kleine hiel zorgt ervoor dat de hiel “de hoek omgaat” en de hiel omsluit. U breit steeds aan de zijkanten twee steken samen, waardoor deze hoek ontstaat.
De kleine hiel gaat over 30 steken. Deze wordt in drieën gedeeld: 10 - 10 - 10.

In de eerste heengaande naald recht breien tot de laatste steek van het middelste deel.
  • De laatste steek van het middelste recht afhalen en de 1e steek van het zijdeel recht breien; de afgehaalde steek overhalen.
  • Het werk keren.
  • De 1e steek averecht afhalen en de steken van het middelste deel averecht breien tot de laatste steek; deze laatste steek met de 1e steek van het zijdeel averecht samenbreien.
  • Het werk keren.
  • De 1e steek averecht afhalen en de steken van het middelste deel recht breien tot de laatste steek.
Herhaal deze naalden tot alle steken van de zijdelen 'opgesnoept' zijn. Alleen de 10 steken van het middelste deel zijn nog over.

Als het goed is zijn er aan de zijkant van de hielflap 14 ribbeltjes (helft van het aantal naalden dat voor de  hielflap gebreid is).
Verdeel eerst de 10 steken van de hiel over 2 naalden - 2 x 5 (dit waren oorspronkelijk de 4e en 1e naald) en brei als volgt:
  • De 5 steken van de hiel recht breien.
  • Langs de hielrand 14 steken opnemen uit elke 2e naald (=1 ribbeltje).
  • Een extra steek recht gedraaid opnemen uit het dwarsdraadje tussen de hielrand en het been, waardoor er nu 15 steken erbij opgezet zijn.
  • De stilgelegde steken van de 2e en 3e naald in basispatroon breien.
  • Met de 4e naald uit de tweede hielrand eveneens 15 steken als beschreven opnemen en de overige 5 steken recht breien.
SPIE
Op de 1e en 4e naald bevinden zich nu 5 steken meer dan aan het begin van de hiel. Deze steken worden in de spie weer geminderd in iedere 3e toer:
  • over de 1e naald de 2 voorlaatste steken recht samenbreien en de laatste steek recht breien.
  • over de 4e naald de 1e steek recht breien, 1 overhaling (= de 2e steek recht afhalen, de 3e steek recht breien en de afgehaalde steek overhalen).
Deze minderingen elke 3e toer herhalen tot op alle 4 naalden weer het oorspronkelijke aantal steken staat ( 4 x 15).
Brei nu verder in het rond tot een totale voetlengte van 18 cm.

TEEN
Meet de onderkant van je eigen voet (23 cm). Trek daar 5 cm vanaf en dat is het aantal cm waar je stopt met breien aan het voetgedeelte (18 cm).
Dus na 18 cm vanaf de hiel met de teen beginnen (alle steken recht breien, geen motief meer):
  • 1e & 4e naald: brei tot je drie steken overhebt, brei 2 steken recht tezamen, 1 steek recht
  • 2e & 3e naald: 1 steek recht, 1 overhaling (steek afhalen, de volgende steek breien daarna de afgehaalde steek over de gebreide steek halen), brei de rest van de naald recht.
Per toer worden dus 4 steken geminderd.
Herhaal deze toeren tot je 5 steken op elke naald over hebt (dus 20 in totaal).
AFWERKING
De steken sluiten door:
  • een draad door de steken te halen en werk af;
  • de steken aan elkaar te mazen;
  • af te werken met de zogenaamde Kitchener Steek:
Kitchener Steek
Zorg dat op beide naalden evenveel steken staan. Leg ze tegen elkaar zodat je een voorste en een achterste naald hebt.
Doe de draad in een maasnaald en volg onderstaande stappen:
·       Haal naald en draad door de 1e steek van de voorste naald alsof je recht breit en haal de steek af.
·       Haal naald en draad door de volgende steek van dezelfde naald alsof je averecht breit, maar laat de steek op de naald staan.
·       Haal naald en draad door de 1e steek van de achterste naald alsof je averecht breit en haal de steek af.
·       Haal naald en draad door de volgende steek van dezelfde naald alsof je recht breit, maar laat de steek op de naald staan.
Herhaal deze vier handelingen tot alle steken zijn verwerkt en hecht de draad af.

Zorg dat op beide naalden evenveel steken staan. Leg ze tegen elkaar zodat je een voorste en een achterste naald hebt.
Doe de draad in een maasnaald en volg onderstaande stappen:
·       Haal naald en draad door de 1e steek van de voorste naald alsof je recht breit en haal de steek af.
·       Haal naald en draad door de volgende steek van dezelfde naald alsof je averecht breit, maar laat de steek op de naald staan.
·       Haal naald en draad door de 1e steek van de achterste naald alsof je averecht breit en haal de steek af.
·       Haal naald en draad door de volgende steek van dezelfde naald alsof je recht breit, maar laat de steek op de naald staan.
Herhaal deze vier handelingen tot alle steken zijn verwerkt en hecht de draad af.

BREIPEN

Basispatroon van een gebreide sok

https://margerey.blogspot.nl/



Nodig:
100 gram sokkenwol
4 (bamboe)breinaalden, 2,5 - 3 mm 

1. opzetten en boord
Zet verdeeld over 3 naalden 60 steken op, 3 maal 20 steken. 
Brei in een boordpatroon zo'n 20 toeren en brei vervolgens in tricotsteek tot de gewenste hoogte.
Je bent helemaal rond als je weer bij het draadje van de opzet bent geëindigd.

Je kunt ook helemaal in boordpatroon breien tot de hiel. Dit zit wat strakker en is daarom beter.

2. de grote hiel
Brei een rechthoekig lapje over 30 steken, dat is de helft van het totaal aantal steken. 
Brei 28 naalden in tricotsteek (zie maattabel) en brei daarbij de eerste 2 en de laatste 2 steken recht, ook op de averechte kant (hierdoor ontstaat er een ribbeltje aan de zijkanten van de hiel. 
De laatste naald is averecht!
Je hebt dan 14 ribbels (= 28 naalden).

3. de kleine hiel
Begin aan de goede kant en brei 15 steken recht (= t midden van het lapje). 
Brei 3 steken extra; 1 steek recht afhalen, 1 steek recht breien, afgehaalde steek over de gebreide heen halen (overhaling), 1 steek breien.

Keer het werk en haal de laatst gebreide steek averecht af; brei 7 steken averecht (1 voor de gebreide overhaling en 3 voor iedere kant van het midden), brei 2 steken averecht samen en 1 steek averecht extra.
Keer het werk weer. Haal de laatst gebreide steek recht af en brei recht tot 1 steek voor het ontstane gaatje, maak een overhaling met de steek voorbij het gaatje en brei 1 steek extra. 
Ga zo door tot alle steken verwerkt zijn. De laatste naald is averecht. 
De steken die je nu over hebt, heet de kleine hiel.

4. de spie
Zet alle steken van de bovenvoet op 1 naald. Brei de kleine hiel op de goede kant tot de helft en neem een andere naald om de andere helft mee te breien. Neem met deze naald ook de steken tussen de ribbels op = 15 steken (zie maattabel). 
Brei met een volgend naald de voorvoet en neem met weer een andere naald de steken op tussen de ribbels en brei de steken van de kleine hiel die al op een naald staan mee.
  • Neem de eerste steek op door een steek dieper de draad op te nemen, anders krijgt u een gaatje in de sok
5. onder-, voor- en bovenvoet
Brei verder rond tot je weer bij het begint bent (waar de opzetdraad zit). 
Vanaf hier wordt er geminderd: brei 1 overhaling, brei door en brei de laatste twee steken van de tweed naald samen. Deze mindering maak je alleen op de ondervoet. Doe dit om de andere naald, tot je weer 60 steken hebt. 
Op de bovenvoet staan dan 30 steken en op de ondervoet 2 maal 15. 
Brei in de rondte voor 20 cm (zie maattabel)
  • Als je de sok nu op 4 naalden zet, kun je hem even passen 
6. de teen
Begin weer vanaf het opzetdraadje, dat is bij de ondervoet. 
Brei 2 steken en 1 overhaling tot 4 steken van het einde van de tweede naald en brei hier 2 steken samen en brei de laatste 2 steken breien. 
Ditzelfde doe je ook op de bovenvoet. Herhaal dit om de andere naald, tot je de helft van het totaal over hebt. Daarna brei je in iedere naald deze minderingen. Op het laatst heb je 8 steken over. 
Breek dan de draad af en trek de draad door iedere steek heen.
De sok is klaar. Maak op dezelfde manier een tweede sok.
BREIPEN

maandag 13 april 2020

Tenen eerst sokken

https://margerey.blogspot.nl/

Een duidelijk filmpje van 10rowsaday over de Toe-Up sokken. Deze dame, Maryna, legt heel rustig en duidelijk uit... wie weet snap ik het nu wel:


Maryna heeft ook 3 filmpjes voor het maken van sneaker-sokken; wie weet heb ik deze nog nodig:




BREIPEN

donderdag 9 april 2020

Sokken op een rondbreinaald

https://margerey.blogspot.nl/

Het is alweer een tijdje geleden dat ik dit boekje heb gekocht:


Omdat ik de beschrijving af en toe nogal onduidelijk vond, kwam ik er niet uit. Na veel gestoei met draden en onwillige rondbreinaalden heb ik het maar even weggelegd.
Maar na het zien van Kelley's Sock Class heb ik het weer opgepakt en nu begreep ik het wel ... samen met mijn patroon voor sokken moet het lukken!

En in dit boekje staan heel leuke patronen:



NODIG
100 g sokkenwol, een rondbreinaald nummer 2,5-3 en 4 hulpnaalden zonder knop.

BEGIN
Zet de 60 steken op één naald.
Verdeel daarna de steken over de 2 naalden van de rondbreinaald (= 30 steken per naald) volgens de Magic Loop methode:











BEEN
Brei ongeveer 16 toeren boordsteek.
Brei daarna verder in motief tot de gewenste hoogte (ongeveer 20 cm).

HIEL
Voor de hiel zijn er diverse mogelijkheden, zoals
  1. de Hollandse hiel.
  2. de Jo-jo hiel.
Beide manieren worden hier besproken, beginnend bij

1. DE HOLLANDSE HIEL

GROTE HIEL:
De grote hiel bepaalt de hoogte van de hiel en wordt gebreid over de helft van het aantal steken, de zool.
Vaak worden de eerste 3 steken van de Grote Hiel in ribbelsteek gebreid. De ribbels vergemakkelijken het tellen. De steken van de bovenvoet, de voorkant, doen even niet mee.

Brei over deze middelste 30 steken de 'versterkte hielwand'. Dat is een recht lapje van 28 toeren. Hierbij kunnen de 3 buitenste steken in ribbelsteek gebreid worden:
  • 1e naald: *1 steek recht, 1 steek recht afhalen.* Herhaal van * tot *.
  • 2e naald: alle steken averecht.
  • 3e naald: *1 steek recht afhalen, 1 steek recht.* Herhaal van * tot *.
  • 4e naald: alle steken averecht.

Brei op deze wijze 28 naalden = 14 ribbeltjes van 3 rechte steken (of het aantal naalden dat is aangegeven in de matentabel).

KLEINE HIEL:
De Kleine Hiel wordt bij het breien van twee sokken tegelijk op een rondbreinaald
voor iedere sok apart gebreid!

De kleine hiel zorgt ervoor dat de hiel “de hoek omgaat” en de hiel omsluit. U breit steeds aan de zijkanten twee steken samen, waardoor deze hoek ontstaat.
De kleine hiel gaat over 30 steken. Deze wordt in drieën gedeeld: 10-10-10.
  • In de eerste heengaande naald de steken recht breien * en daarbij de 19e steek recht afhalen en de 20e steek recht breien en de afgehaalde steek overhalen. Het werk keren.
  • De 1e steek averecht afhalen en de steken averecht breien en daarbij de 9e steek met de 10e steek averecht samenbreien. Het werk keren.
  • De 1e steek averecht afhalen en de steken van de 2e hulpnaald (= middelste) recht breien *
Herhaal het blauwe gedeelte (van * tot *) tot alleen de 10 steken van het middelste deel nog over zijn. Je breit dus iedere ronde de steek vóór het 'gaatje' (= keerpunt vorige toer) samen met de steek ná het 'gaatje' en bij het volgende 'gaatje' maak je een overhaling: je haalt de steek ervoor af en je breit de steek na het gaatje.
Bij samenbreien 'hangt' de steek naar rechts /
Bij een overhaling 'hangt' de steek naar links \

Brei hierna ook de kleine hiel van de 2e sok.

Als het goed is zijn er aan de zijkant van de hielflap 14 ribbeltjes (helft van het aantal naalden dat voor de  hielflap gebreid is).

Brei nu over de 10 overgebleven steken van de hiel en zet een steekmarkeerder tussen de 5e en 6e steek: dit geeft het begin en einde van de hiel aan.
  1. De 5 steken van de hiel recht breien.
  2. Langs de hielrand 14 steken opnemen uit elke 2e naald (=1 ribbeltje).
  3. Een extra steek recht gedraaid opnemen uit het dwarsdraadje tussen de hielrand en het been, waardoor er nu 15 steken erbij opgezet zijn.
  4. Brei over de 30 steken van de bovenvoet.
  5. Brei over de 30 steken van de volgende bovenvoet.
  6. Brei een extra steek recht gedraaid opnemen uit het dwarsdraadje tussen de bovenvoet en de hielrand en neem langs de hielrand 14 steken op uit elke 2e naald (=1 ribbeltje).
  7. Brei nu de 5 steken van de hiel en aansluitend de andere 14 steken van de hielrand recht.
  8. Neem langs de hielrand van de 2e sok 14 steken op uit elke 2e naald (=1 ribbeltje).
We zijn nu weer terug bij de 2e hiel. Brei nu verder tot de steekmarkeerder van de volgende sok.
Het breiwerk zier er nu zo uit:


SPIE
Aan de onderkant (zool) bevinden zich nu meer steken dan aan het begin van de hiel. Deze steken worden in de spie weer geminderd: eerst 3 maal in iedere toer en daarna in iedere 3e toer tot op beide naalden weer het oorspronkelijke aantal steken staat (2 x 30).
Het mindere voor de spie gaat als volgt:
  • de 2 voorlaatste steken voor de bovenvoet recht samenbreien en de laatste steek recht breien.
  • de 1e steek de bovenvoet recht breien, 1 overhaling (= de 2e steek recht afhalen, de 3e steek recht breien en de afgehaalde steek overhalen).
  • brei 2 rondes over alle steken
Een heel duidelijke instructie van A tot Z voor het breien van een (enkele) sok op een rondbreinaald vanaf de boord met Hollandse hiel vind je HIER.

Zie verder onderaan voor de TEEN en de AFWERKING

2. DE JO-JO HIEL

Bij een totale hoogte van ongeveer 20 cm gaan we met de hiel beginnen.
De Jo-Jo hiel wordt uitsluitend gebreid over de onderkant (de zool).
De steken van de bovenvoet doen even niet mee.

We gaan nu over de 30 steken van de zool verkorte naalden met dubbele steken breien (zie hieronder).
De steken voor de hiel worden in drieën gedeeld over 3 hulpnaalden (10-10-10). Hierbij staat het aantal dubbele steken dat op de 1e naald gebreid wordt vóór de 1e schuine streep, het aantal dubbele steken dat op de 4e naald gebreid wordt nà de 2e schuine streep. De steken van het middelste deel (10) staan tussen de schuine strepen, over deze steken worden géén dubbele steken gebreid.

Dubbele steek:
Met de draad vóór het werk 1 steek averecht afhalen en de draad dan heel strak over de naald naar achter trekken, waardoor de afgehaalde steek dubbel op de naald komt te liggen.
Let op: als de draad niet strak genoeg aangetrokken wordt, ontstaat er naderhand een gaatje!

Verkorte naalden:

  • 1e naald (heengaand): alle 30 steken recht breien. Keren.
  • 2e naald (teruggaand): een dubbele steek breien: de steek averecht afhalen en de draad dan heel strak over de naald naar achter trekken, de draad naar voren halen en alle resterende steken van de naald averecht breien. Keren.
  • 3e naald: een dubbele steek breien: de steek recht afhalen en de draad van achter naar voren over de naald trekken, zodat je weer 2 steken ziet, de draad naar achter halen en  alle steken recht breien tot aan de laatste dubbele steek aan het einde van de naald (deze blijft dus ongebreid). Keren.
  • 4e naald: (= 2e naald) een dubbele steek breien: de steek averecht afhalen en de draad dan heel strak over de naald naar achter trekken, de draad naar voren halen en alle resterende steken van de naald averecht breien. Keren.
Deze 3e & 4e naald steeds herhalen tot beide zijkanten uit dubbele steken bestaan (de verdeling is 10-10-10).


Nu 2 toeren over de ALLE 60 steken breien: de hielsteken recht en de steken van de bovenvoet in het motief van het been breien. Hierbij in de 1e toer beide lussen van elke dubbele steek recht samenbreien.

Na deze 2 toeren de 30 steken van de zool weer over 3 naalden verdelen (10-10-10), de steken van de bovenvoet doen wederom niet mee (zet ze op de hulpnaald).

Nu gaan we de verkorte naalden met dubbele steken breien, maar nu in tegenovergestelde richting, van binnen naar buiten breien, dus over de middelste 10 steken van de 30 steken. Met deze 2e ronde gaat de hiel pas echt de hoek om:
  • 1e naald (heengaand): de 10 steken van het middelste deel recht breien. Keren.
  • 2e naald (teruggaand): een dubbele steek breien, de draad naar voren trekken en averecht breien t/m de laatste steek van dit middelste deel. Keren.
  • 3e naald: een dubbele steek breien, de draad achter het werk houden en recht breien tot aan de dubbele steek, de 2 lussen van deze steek recht samenbreien, de volgende steek recht breien. Keren.
  • 4e naald: een dubbele steek breien, de draad naar voren trekken en averecht breien tot de dubbele steek, de 2 lussen van deze steek averecht samenbreien, de volgende steek averecht breien. Keren.
Deze 3e & 4e naald herhalen tot beide zijkanten ‘op’ zijn.
Als het ware ‘snoep’ je van binnenuit telkens 1 steek in iedere toer van 10 steken aan de zijkanten

Na de laatste teruggaande naald in de volgende naald resp. aan het begin van de toer nog 1x een dubbele steek breien.

Hierna over ALLE steken verder breien in de rondte en hierbij in de 1e toer de 2 lussen van elke dubbele steek recht samenbreien. De steken van de bovenvoet in het motief van het been breien.

TEEN

Wanneer bij het 'passen' van de sok de kleine teen bedekt is, kan met de minderingen voor de teen worden begonnen (alle steken recht breien, geen motief meer).
De 'mindertoer' is zowel voor de onderkant als de bovenkant van de sok als volgt: 


1 steek recht, 1 overhaling (= haal 1 steek (ongebreid) recht af en brei de volgende steek recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek), brei recht tot je drie steken overhebt, brei 2 steken recht samen, 1 steek recht.

De volgorde van het breien van de teen is als volgt:
  • Na 1e 'mindertoer': brei 3 toeren recht.
  • Na 2e 'mindertoer': brei 2 toeren recht.
  • Na 3e 'mindertoer': brei 2 toeren recht.
  • Na 4e 'mindertoer': brei 1 toer recht.
  • Na 5e 'mindertoer': brei 1 toer recht.
  • Na 6e 'mindertoer': brei 1 toer recht.
Hierna in iedere toer minderen tot er nog 8 steken over zijn. 


AFWERKING

Er zijn meerdere manieren om de teen te sluiten. Ik geef de voorkeur aan de volgende wijze:
  • Zet de resterende steken op een afsluitbare naald en keer de sok binnenstebuiten (even priegelen).
  • Zet de steken weer terug op 2 naalden (2 x 4).
  • Brei nu met een 3e breinaald de voorste steken van beide naalden samen, zodat het 1 steek wordt op de rechternaald.
  • Brei nu weer de 2 steken van beide naalden samen en kant deze steken af.

Ga zo verder tot alle 4 steken zijn afgekant.


Maar... de overgebleven steken van de teen kun je ook sluiten door:

  • een draad door de steken te halen en werk de draad af;
  • de steken aan elkaar te mazen;
  • af te werken met de zogenaamde Kitchener Steek:
Zorg dat op beide naalden evenveel steken staan. Leg de naalden tegen elkaar zodat je een voorste en een achterste naald hebt.
Doe de draad in een maasnaald en volg onderstaande stappen.
  • Haal naald en draad door de 1ste steek van de voorste naald alsof je recht breit en haal de steek af.
  • Haal naald en draad door de volgende steek van dezelfde naald alsof je averecht breit, maar laat de steek op de naald staan.
  • Haal naald en draad door de 1ste steek van de achterste naald alsof je averecht breit en haal de steek af.
  • Haal naald en draad door de volgende steek van dezelfde naald alsof je recht breit, maar laat de steek op de naald staan.
Herhaal deze vier handelingen tot alle steken zijn verwerkt en hecht de draad af ... de sokken zijn klaar voor gebruik!! 
Een zeer duidelijk (Duitstalig) filmpje voor het breien van sokken met Hollandse hiel:



Een handig patroon voor sokken vind je hier.



SOKKEN MAATTABEL:

BREIPEN

dinsdag 7 april 2020

Sokken breien op 3 of 4 naalden



https://margerey.blogspot.nl/

Dit zijn een paar sokken die ik gedeeltelijk gebreid heb op een rondbreinaald. Het breien op een rondbreinaald heeft als voordeel, dat je twee sokken identiek zijn:


Het ging allemaal voorspoedig, zelfs de hiel:



Maar halverwege de voet ben ik toch overgegaan op 4 naalden, omdat ik veel tijd kwijt was met het verschuiven van de steken.

Uiteindelijk zijn de sokken toch mooi geworden:

Het breien van sokken op 4 naalden vond ik soms nogal een gedoe, vooral bij het wisselen van naald; er zat vaak een 'onwillige' naald bij en dan leek het in mijn handen wel een beetje op mikado:
Nu herinner ik mij dat mijn moeder altijd sokken op 3 naalden breide omdat zij dat handiger vond dan op 4 naalden. Met 3 naalden heb je een mooie driehoek in je handen en die is makkelijker vast te houden en je hebt iets meer steken op de naald, wat ook weer opschiet.
Ik heb mijn patroon aangepast en mijn volgende paar sokken ga ik op 3 naalden breien ... ben benieuwd hoe dat bevalt ...

Goed dus 😉






Mijn patroon voor het breien van sokken op 3 naalden no. 2½-3


Na veel oefening, ook op een rondbreinaald, is dit uiteindelijk mijn sokkenpatroon:



onderstaand schema is voor het breien van sokken op 3 naalden

Bij Wolhalla vond ik deze gebreide sok, waarbij de kleurtjes in het patroon aangeven welk deel van de sok dat is:

Boord (licht blauw)
Omdat een opzet vaak strak kan uitvallen is het handig om de boord van een sok met een haaknaald op te zetten.

Zet de 60 steken op en verdeel deze als volgt:
breinaald 1 = 16 steken = kleine naald
breinaald 2 = 30 steken = grote naald
breinaald 3 = 14 steken = kleine naald

Verbindt de drie breinaalden door 2 steken met een dubbele draad (loopdraad + aanhechtdraad) van de 1e naald op de 3e naald te breien. De opzet is nu gesloten en vanaf hier ongeveer 5 cm boordsteek breien (1 recht, 1 averecht).
  • Draai bij het keren altijd met de zon mee.

Been of schacht (rood)
Na de boord brei je verder in tricot of een andere patroon naar wens.
Na een hoogte van ongeveer 20 cm begint de hiel.
  • Indien je de hele schacht in boordsteek 1/1 breit, dan de laatste 4 toeren recht breien; hierdoor krijg je een overgang tussen de boord en de hiel. Reden: anders zakt je sok in je schoen.

Grote hiel (roze)
De grote hiel is gewoon een recht lapje en bepaalt de hoogte van de hiel.
Het wordt heen en weer gebreid in tricotsteek over de grote breinaald (= 30 steken).

Alleen bij de eerste toer de 1e steek breien, omdat de draad bij de verkeerde naald zit.

Bij alle volgende toeren (van de grote hiel) de 1e steek afhalen. Dit maakt straks het opnemen van steken gemakkelijker

Brei over deze middelste 30 steken 28 naalden tricot breien en brei hierbij de eerste 3 steken en de laatste 3 steken in ribbelsteek = 14 ribbeltjes van 3 rechte steken.
Eindig met een naald recht.

Versterkte hielwand
Je kunt ook eventueel 28 naalden 'versterkte hielwand' breien, de 3 buitenste steken in ribbelsteek:

1e naald: *1 steek recht, 1 steek recht afhalen.* Herhaal van * tot *.
2e naald: alle steken averecht.
3e naald: *1 steek recht afhalen, 1 steek recht.* Herhaal van * tot *.
4e naald: alle steken averecht.

TIP: Omdat de 2 kleine naalden, die je nu niet gebruikt, in de weg kunnen zitten, is het handig om na ongeveer 10 toeren, de steken van deze beide naalden (14 en 16) op één naald te zetten; dit wordt straks de grote naald.
  • Eindig altijd met een rechte naald  bij de grote hiel!

Kleine hiel (geel)
De kleine hiel zorgt ervoor dat de hiel 'de hoek omgaat' en de hiel omsluit. Om die hoek te laten ontstaan, minder je aan de zijkanten steeds twee steken.
  • 2 steken samenbreien: de mindering hangt naar rechts /
  • overhaling: de mindering hangt naar links
Ga verder op de naald van de zojuist gebreide grote hiel. Ook hier steeds weer de 1e steek afhalen.

Omdat je de grote hiel geëindigd ben met een rechte naald, begin je de kleine hiel met een averechte naald:


Naald 1: averecht: brei de helft + 1 = 16 steken, dan 2 steken samen breien, en nog 1 steek breien. Keer het werk.
Naald 2: recht: haal 1e steek af en brei 3 steken, 1 overhaling (= 1 steek afhalen, 1 steek breien, de afgehaalde over de gebreide halen) en hierna nog 1 steek breien. Keer het werk.

Alle naalden zo breien: 1e steek afhalen en breien tot 1 steek vóór het gaatje. Dan:

Averechte naald: 1 steek vóór en 1 het gaatje samen breien, en dan nog 1 steek breien. Keer het werk en brei tot het einde van de naald. Keren

Rechte naald: 1 steek afhalen vóór het gaatje en nà het gaatje 1 steek breien en de afgehaalde steek over gebreide halen, en dan nog 1 steek breien.
Ga door totdat alle steken op de zijdelen op zijn.
Als het goed is zie je nu duidelijk de hiel in het breiwerk.

Opmerking: Er zijn 2 manieren om de hiel te breien:
Hierna gaan we steken opnemen aan de zijkant van de grote hiel. Er wordt nu alleen nog in tricot gebreid.

Met nieuwe naald 14 steken opnemen: 13 langs de rand van de grote hiel en 1 om een gaatje te voorkomen bij de boord.
  • Doe dit door eerst de 'lossige zijlus op te trekken en daaronder zit een mooi lusje om een steen uit te breien.
Brei deze opgenomen steken recht, maar in de achterste lus: zo krijg je een mooie rand!

Brei nu de nieuwe grote naald; hierop zitten de 30 steken van de 2 kleine naalden, die even niet meededen.


Let op: als je nu met deze naald zou beginnen, dan heb je na de eerste steek een gat. Daarom zelf een steek breien uit de lussen van de zijkant. Neen hiervoor een zijlus en brei daar een nieuwe steek uit. Doe dat nog eens en haal de ene steek over de andere. Zet deze nieuw verkregen steek op de naald en brei verder.

Nu gaan we aan de andere kant ook 14 steken opnemen op dezelfde wijze als de zoeven: 13 langs de rand van de grote hiel en 1 om een gaatje te voorkomen bij de boord.

Brei ook deze opgenomen steken recht, maar in de achterste lus voor die mooie rand.



Spie (oranje)
Nu moet er geminderd worden om weer tot 15 steken op elke kleine naald komen.
1e naald: 2 steken breien, overhaling en naald uit breien.
2e naald: brei tot 4 steken voor het einde, dan 2 steken samen breien en brei de laatste 2 steken.
3e naald: (grote naald) gewoon breien (dus niet minderen!).

De volgende toer (3 naalden) niet minderen
Hierna  steeds 1 ronde minderen en 1 ronde niet minderen tot er weer 15 steken op elke kleine naald staan.


Voet (groen)
Nu verder breien tot de voet 20 cm lang is


Teen (donkerrood)
Om de punt voor de tenen te maken moet er nu geminderd worden, te beginnen met de grote naald:

Grote naald: brei 2 steken, 1 overhaling, brei naald verder tot er nog 4 steken over zijn, dan 2 steken samen breien en brei de laatste 2 steken.

1e kleine naald: brei 2 steken, 1 overhaling en brei de naald uit.
2e kleine naald: brei tot er nog 4 steken over zijn, dan 2 steken samen breien en brei de laatste 2 steken.
In de volgende toer niet minderen en daarna in de volgende toeren steeds 1 ronde minderen en 1 ronde niet minderen tot er nog 10 steken op de grote naald en 5 steken op elke kleine naald over zijn.


Afkanten
Zet deze resterende 20 steken op twee veiligheidsspelden van ieder 10 steken en keer de sok binnenstebuiten (even priegelen, maar dat lukt wel).


Zet de steken op de veiligheidsspelden weer terug op 2 naalden (2 x 8) en steek nu de breinaald de voorste steek van de 1e naald en daarna in de 1e steek van de andere naald; brei deze 2 steken samen. 
Brei nu weer de 2 voorste steken van beide naalden samen en kant deze steken af zoals gebruikelijk.



Onderstaand filmpje is een zeer duidelijke uitleg met veel (vergeten) tips:



Op De Bonestaak vond ik een patroon van sokken gebreid op 2 naalden ... dat lijkt me ook handig!
BREIPEN