zondag 28 juni 2020

Basispatroon van een gebreide sok

https://margerey.blogspot.nl/



Nodig:
100 gram sokkenwol
4 (bamboe)breinaalden, 2,5 - 3 mm 

1. opzetten en boord
Zet verdeeld over 3 naalden 60 steken op, 3 maal 20 steken. 
Brei in een boordpatroon zo'n 20 toeren en brei vervolgens in tricotsteek tot de gewenste hoogte.
Je bent helemaal rond als je weer bij het draadje van de opzet bent geëindigd.

Je kunt ook helemaal in boordpatroon breien tot de hiel. Dit zit wat strakker en is daarom beter.

2. de grote hiel
Brei een rechthoekig lapje over 30 steken, dat is de helft van het totaal aantal steken. 
Brei 28 naalden in tricotsteek (zie maattabel) en brei daarbij de eerste 2 en de laatste 2 steken recht, ook op de averechte kant (hierdoor ontstaat er een ribbeltje aan de zijkanten van de hiel. 
De laatste naald is averecht!
Je hebt dan 14 ribbels (= 28 naalden).

3. de kleine hiel
Begin aan de goede kant en brei 15 steken recht (= t midden van het lapje). 
Brei 3 steken extra; 1 steek recht afhalen, 1 steek recht breien, afgehaalde steek over de gebreide heen halen (overhaling), 1 steek breien.

Keer het werk en haal de laatst gebreide steek averecht af; brei 7 steken averecht (1 voor de gebreide overhaling en 3 voor iedere kant van het midden), brei 2 steken averecht samen en 1 steek averecht extra.
Keer het werk weer. Haal de laatst gebreide steek recht af en brei recht tot 1 steek voor het ontstane gaatje, maak een overhaling met de steek voorbij het gaatje en brei 1 steek extra. 
Ga zo door tot alle steken verwerkt zijn. De laatste naald is averecht. 
De steken die je nu over hebt, heet de kleine hiel.

4. de spie
Zet alle steken van de bovenvoet op 1 naald. Brei de kleine hiel op de goede kant tot de helft en neem een andere naald om de andere helft mee te breien. Neem met deze naald ook de steken tussen de ribbels op = 15 steken (zie maattabel). 
Brei met een volgend naald de voorvoet en neem met weer een andere naald de steken op tussen de ribbels en brei de steken van de kleine hiel die al op een naald staan mee.
  • Neem de eerste steek op door een steek dieper de draad op te nemen, anders krijgt u een gaatje in de sok
5. onder-, voor- en bovenvoet
Brei verder rond tot je weer bij het begint bent (waar de opzetdraad zit). 
Vanaf hier wordt er geminderd: brei 1 overhaling, brei door en brei de laatste twee steken van de tweed naald samen. Deze mindering maak je alleen op de ondervoet. Doe dit om de andere naald, tot je weer 60 steken hebt. 
Op de bovenvoet staan dan 30 steken en op de ondervoet 2 maal 15. 
Brei in de rondte voor 20 cm (zie maattabel)
  • Als je de sok nu op 4 naalden zet, kun je hem even passen 
6. de teen
Begin weer vanaf het opzetdraadje, dat is bij de ondervoet. 
Brei 2 steken en 1 overhaling tot 4 steken van het einde van de tweede naald en brei hier 2 steken samen en brei de laatste 2 steken breien. 
Ditzelfde doe je ook op de bovenvoet. Herhaal dit om de andere naald, tot je de helft van het totaal over hebt. Daarna brei je in iedere naald deze minderingen. Op het laatst heb je 8 steken over. 
Breek dan de draad af en trek de draad door iedere steek heen.
De sok is klaar. Maak op dezelfde manier een tweede sok.
BREIPEN