Maak de eerste steek zoals de opzetlus bij het haken, maar niet aan het einde van de draad. Het draadeinde moet minstens driemaal zo lang zijn als de gewenste breedte van het breiwerk.
Zet deze steek op de rechternaald.
1. De opzetlus op de rechternaald. De lus aantrekken maar niet al te strak, dat geldt trouwens voor het hele opzetten.
|
|
2. Schuif duim en wijsvinger van uw linkerhand tussen beide draden en houd deze strak met de drie overige vingers.
Kantel uw hand achterover en spreidt duim en wijsvinger.
|
|
3. Het draadeinde ligt nu in een lus om de duim, de draad van de kluwen ligt in een lus om de wijsvinger. Steek de naald van beneden naar boven door de voorkant van de lus om de duim.
|
|
4. Daarna van boven naar beneden door de voorkant van de lus om de wijsvinger.
|
|
5. Trek deze lus door de lus op de duim en kantel deze over de naaldpunt.
|
|
6. Laat de lus van de duim schieten en trek de draden aan, waarbij we de duim opnieuw tussen de draden steken en spreiden. De nieuwe steek is gevormd.
Vanaf 3 herhalen.
|
|
7. Op deze manier maakt u het gewenste aantal steken.
Behalve met 1 naald, kunt u ook met 2 naalden opzetten, zogenaamd breiend opzetten. Dit kan op de Franse manier en op de Engelse manier.
|
En zo ziet dat eruit:
